Over mij

Oh jee, daar zijn we dan toch aangekomen op de pagina waar het niet over mijn verhalen gaat, maar over mijzelf. Hoewel in ieder verhaal van mij wel iets terug te vinden is over mezelf – in een karaktereigenschap, een hobby, of een issue waar een van de personages mee worstelt – is er natuurlijk ook nog een ‘bron’ waar al die woorden, zinnen en verhalen uit vandaan komen. Laten we eens bij het begin beginnen:

Heel wat jaartjes geleden – in hetzelfde jaar dat de algehele grondwet van Nederland werd herzien en Microsoft de eerste versie van MS-word op de markt bracht – werd ik geboren in een dorpje aan de kust. Ik woon er nog steeds met veel plezier, samen met mijn man en twee kinderen. Vandaar dat veel verhalen van mij ook in die streek afspelen.

Mijn eerste grote voorbeeld was Paul van Loon. Ik verslond al zijn verhalen en nam me in groep zes voor dat ik net als hij naar de kunstacademie ging om schrijver te worden. Gek genoeg waag ik me nu niet meer aan griezel- of horrorverhalen, maar destijds waren de mummies en zombies niet aan te slepen in mijn verhalen.

Tijdens de middelbare school werd mijn schrijven al wat serieuzer, en als ik nu terugkijkt naar de thema’s die ik toen al in mijn verhalen verwerkte was er al een duidelijk patroon te ontdekken en misschien al een voorbode naar de toekomst. Maar -en dat vind ik oprecht jammer, en een gemiste kans – schrijven en lezen voor de jeugd werd helemaal niet zo gestimuleerd. Natuurlijk werd er wel les in gegeven, en ik was een van die geluksvogels die Leon de Winter en Joost Zwagerman mochten interviewen tijden de Dag van Literatuur, maar de focus in de klas lag voornamelijk op literaire klassiekers en/of hedendaagse literatuur. Heel goed voor de ontwikkeling, maar daarnaast had young adult veel meer behandeld moeten worden. En ik hoop dat dat in de toekomst steeds meer gaat gebeuren want juist in deze boeken kom je thema’s en verhalen tegen die je kunnen helpen bij de ontwikkeling van je eigen ik. Dus ja, dat is een van de redenen waarom ik young adult schrijf, omdat ik hoop dat ik iemand kan raken of inspireren met een verhaal.

En hoe zit het dan met die kunstacademie?

Die kwam een paar jaar later. Eerst ging ik nog naar de Universiteit van Leiden waar ik Engelse taal en Cultuur ging studeren. Daar heb ik een fantastische tijd gehad die ik zo weer over zou doen. Lezen, lezen, lezen en literatuur bespreken. Wat wil je nog meer. Oké, er was ook iets van taalkundige, taalvaardigheid, en dat soort vakken, maar het merendeel van mijn tijd heb ik gevuld met literatuur, film- en theaterwetenschap, dansgeschiedenis, een minor ondernemen binnen de kunsten en een halve minor journalistiek en nieuwe media. Daarnaast werkte ik als vrijwilliger bij de kindertelevisie van het LUMC.

Terwijl mijn afstuderen steeds dichterbij kwam, werd de twijfel over wat ik daarna zou kunnen gaan doen steeds groter. Ging ik het onderzoek in? Een carrière in de journalistiek nastreven, of toch maar solliciteren op een baan binnen Bestseller retail – die van Only, Jack & Jones etc – en dan verder het modevak in? Of nam ik een risico en ging ik ‘iets’ met theater doen? Genoeg om over te twijfelen, en tijdens een van mijn lessen ondernemen binnen de kunsten, die ik volgde aan de KABK in Den Haag, viel het kwartje: ik ga niet over kunst praten, ik ga het maken.

En toen zat ik op de kunstacademie. Het was een hele leerzame, gave, inspirerende en heftige tijd. In het eerste jaar behaalde ik mijn propedeuse én ik studeerde af aan de Universiteit. In het tweede jaar begon ik toch te twijfelen of mode-ontwerpen wel datgene was, dat ik echt wilde. Zoals je ziet, twijfel ik vaak. Net zesentwintig, een paar spaarcentjes, een goed plan en heel veel mensen die achter me stonden. Het resultaat was een jeanswinkel die uitgroeide tot een hele gezellige winkel voor baby- en kinderkleding.

Helaas, helaas, heb ik na bijna acht jaar besloten om te stoppen. Voor heel veel mensen kwam dat als een verrassing, en ik had zelf ook liever een ander besluit genomen, maar soms kun je niet anders dan een bepaalde keuze maken.

Genoeg daarover, want daardoor kwam uiteindelijk wel de ruimte om na al die jaren definitief de stap te maken in de richting van mijn droombaan: schrijver worden.

En zie, hier zijn we dan. Ik ben eindelijk schrijver geworden. Zo zie je maar weer, dromen kunnen uitkomen. Ik ben begonnen met korte verhalen en gedichten schrijven. Een aantal zijn er opgenomen in diverse bundel en een feelgood verhaal van mij haalde in 2019 de tweede prijs bij het Valentijnsgenootschap. Toen was het hek van de dam. Ik stuurde een manuscript naar een uitgever, schreef een volgende, stuurde weer een manuscript in, probeerde ook andere uitgevers, werd een keer afgewezen, nog een keer afgewezen, kreeg ook wel eens geen reactie, maar na bijna een jaar proberen kwam ik in contact met een uitgever die wel graag mijn manuscript uit wilde geven. Wie dat is? Dat komt nog ;). Ik was, en ben nog steeds, dolblij dat ze in me geloofde en mijn verhaal een kans wilde geven.

Toen kwam 2020, een jaar waar genoeg over te zeggen valt, en waar ik zelf ook de bodem van de put weer even geïnspecteerd heb, maar het is ook het jaar dat Rebound uitkwam, een kort verhaal in de NA-bundel Set, het jaar waarin Jen Minkman van Dutch Venture Publishing mijn new adult serie Zorgen voor de liefde uit wilde geven, mijn allereerste feelgood Jij en ik … Samengevat een heel fijn plekje kregen bij Loft Books en mijn young adult schrijfcarrière definitief start in september 2021 bij Hamley Books met het verhaal Het geheim dat we delen.

En er staat nog zoveel meer op stapel…. Ik heb er ontzettend veel zin in.

Ben je er nog? En wil je heel graag nog meer weten? Misschien gaat dat sneller via dit linkje. Tot snel!