Mijn woorden, zinnen en verhalen.

Hoe begin je?

De eerste zin, het moment van oogcontact met je lezer. Er ontluikt zich een kennismaking met het verhaal. Het eerste hoofdstuk volgt en de lezer besluit om mee te reizen. Klinkt relatief eenvoudig maar we weten allemaal wel hoe we bij een eerste kennismaking staan te zweten en te hakkelen. Voor een schrijver is het precies hetzelfde. Een goed begin is in schrijversland nogal een ‘dingetje’. Maar hoe schrijf je een goed begin? Zijn daar regels voor en bestaat er überhaupt wel iets van een Gouden regel?

Het einde van het begin.

Op het alwetende internet zijn ontelbare artikelen te vinden over die ene perfecte zin, allen kundig geïllustreerd met voorbeelden uit bekende romans. Verhelderd zijn die artikelen niet altijd. Wat door de een werd afgeraden, werd door een ander weer bejubeld. Blijkbaar zijn er net zo veel manieren om te beginnen als dat er romans zijn.

In het begin mag alles.

Je zal het op het eerste gezicht wel zeggen, maar hoe je begint is afhankelijk van het boek dat je schrijft. Op schrijvenonline stond de belangrijke tip dat je pas een goed begin kunt schrijven als je de rest van het verhaal ook kent. Klinkt misschien als een open deur maar is in de praktijk toch moeilijker dan je denkt. Vandaar ook het advies om eerst je verhaal te doorgronden en dan pas het begin te schrijven.

Hoe open je  de juiste deur?

In principe zet je in het begin een aantal vraagtekens uit waarop de lezer tijdens het lezen antwoord gaat krijgen. Met uiteraard als slotstuk: het volledige antwoord. Dosering is hier ook een toverwoord: maak nieuwsgierig, strooi broodkruimels en leidt zo de lezer verder het verhaal in. Maar zaai geen verwarring. Een aantal richtlijnen die je hierbij kunnen helpen zijn als volgt:

  1. Zorg dat de setting duidelijk is. Denk bijvoorbeeld aan de plaats, het seizoen, tijdperiode etc.
  2. Toon in grote lijnen de kern van je (hoofd)personage en het verhaal. Maak er uiteraard geen samenvatting maar gebruik een paar zinnen en breidt dat later in het verhaal verder uit. Het is belangrijk dat de lezer (ook in de rest van het verhaal) weet waar hij/zij aan toe is.
  3. Creëer spanning. Na het lezen van hoofdstuk 1 wil je graag dat de lezer nieuwsgierig doorgaat naar hoofdstuk 2. Dat kan alleen als je al iets van spanning creëert.. Dat hoeft niet gelijk met moord en doodslag maar kan ook met een klein conflict, een probleem of verandering in het leven van je personage(s).

Proloog: een begin voor het begin.

Hoewel je nooit een tweede kans krijgt voor een eerste indruk lijken sommige schrijvers dat wel te proberen door middel van een proloog. Het is echter een verkeerde gedachte dat dit een soort ‘pre-begin’ is. Een proloog is een op zichzelf staand verhaal wat overkoepelend is voor het hele verhaal dat je wilt vertellen. Vaak wordt dit in een ander perspectief geschreven dan de rest van het verhaal.

De Gouden regel.

Die is er dus niet. Een goed begin staat in dienst van je verhaal en nodigt de lezer uit om verder te gaan. Dat bereik je echter niet door je krampachtig vast te houden aan allerlei regels die we ons graag laten opleggen. Bovendien raak je hierdoor ook nog eens het plezier in schrijven kwijt. Onthoudt waarom je schrijft, wat je wil vertellen en begin gewoon.

*dit artikel werd mede mogelijk gemaakt door leden op schrijvenonline.

Verder Bericht

Vorige Bericht

Laat een reactie achter

© 2018 woorden van Meij

Thema door Anders Norén