Mijn woorden, zinnen en verhalen.

Briljant zinloos of zinloos briljant?

Titel: Niet dat het iets uitmaakt

Auteur: Bert Moerman

Je opent de deur, en ziet het pakketje. Had je iets besteld? Het is vandaag je trouwdag, dus misschien, wie weet…. Nieuwsgierig scheur je het karton. Het boek herken je van die oproep op Facebook. Je bekijkt de kaft, het lijkt wel een linoleum snede, of nee, alsof er iets door de papierversnipperaar is gegaan. 

Je begint te lezen, want daarvoor is het boek, en dompelt je onder in wat lijkt een opeenstapeling van Loesje-quotes. Wat er is gebeurd en wat er gaat gebeuren, heeft eigenlijk niet echt je aandacht, maar je leest door. Want je hebt nu eenmaal gezegd dat je dat ging doen.

Gelukkig had je deze stok achter de deur, anders had je een fijne discussie en een goed verhaal moeten missen. 

Wat opvalt aan Niets dat het iets uitmaakt is niet de bijzondere omslag die bestaat uit allemaal witte stroken tegen een rode achtergrond, het is de tweede persoonsvorm waarin het geschreven is. Dat kan je als lezer dieper in het verhaal trekken, maar ook juist erbuiten zetten doordat het te belerend is en niet helemaal herkenbaar. 

Ik neigde tijdens het lezen naar het laatste. Mede ook doordat er heel veel semi-grappige, diepzinnige one-liners gedropt werden. Daardoor voelde het alsof je als lezer telkens op je vingers werd getikt. Pas bij pagina 40 begon voor mij het verhaal te leven, en dat is best aan de late kant. Jammer, want dit verhaal moet je helemaal tot de laatste punt lezen om het te kunnen waarderen en om er een mening over te vormen, al is dat laatste nog best lastig.

Het verhaal bestaat uit losse hoofdstukken, ieder met een eigen titel en telkens begint het op de rechterpagina waardoor je het idee krijgt een verhalenbundel te lezen. Alle hoofdstukken staan wel degelijk met elkaar in verband. Het is, zoals ook op de achterflap staat, een aaneenschakeling van gebeurtenissen. Net als het leven. Logisch op een volgend, maar van te voren had je nooit kunnen weten dat het zo zou gebeuren.

Echt antwoorden krijg je niet, maar dat geldt eigenlijk voor alles in het verhaal. Je weet niet of de hp echt van Sarah hield, of het andersom wel het geval was, weet je ook niet. Wanneer de relatie precies uitdoofde is ook niet duidelijk. Hetzelfde geldt voor de symboliek achter de diverse motieven die herhaaldelijk voorkomen, bepaalde cijfers, een koffer, de waarde van dingen. Je weet niet eens of wat je leest, echt is omdat het de visie van de verteller is. En die kan wat gekleurd zijn in zijn/haar mening.

Het maakt ook eigenlijk niets uit. Misschien wel voor mij als lezer, want ik wil nou eenmaal graag een afgerond verhaal met duidelijkheid. Maar zo is niets in het leven. ‘De dingen zijn wat ze zijn. Daar valt weinig tegen in te brengen (De onvermijdelijkheid van de realiteit).

En daar zit ook gelijk de zere plek. De vraag is namelijk of Bert Moerman hier een verhaal laat vertellen door een verteller die ‘zichzelf te serieus neemt’ en daardoor eigenlijk een briljant boek aflevert, of net even uit de bocht vliegt in zijn intenties. 

Ik weet het niet. Tijdens het lezen en het beantwoorden van de discussievragen in de leesclub, werd ik constant heen en weer geslingerd tussen ‘wauw wat goed bedacht’ en ‘tja, zoek ik het er nou achter of is het echt zo bedoeld?’.  Daar kan de dooddoener overheen dat de verteller van het verhaal ook niet zo’n briljante auteur is, en zich schuldig maakt aan te gewichtige taal en de te diepzinnige teksten. Toch vind ik dat te makkelijk. Het laatste hoofdstuk zou dan een klapper moeten zijn, maar ook daar blijft het verhaal in dezelfde modus doorgaan. Misschien zelfs nog iets verder uitvergroot, maar de taal en stijl blijft hetzelfde.

Of zou dat misschien ook onderdeel zijn van het manuscript? Is het nog steeds van dezelfde verteller?

Niet dat het iets uitmaakt. We komen er toch nooit achter. En dat is jammer, want stiekem vind ik wel dat het iets uitmaakt wie er achter de verteller staat.

Verder Bericht

Vorige Bericht

Laat een reactie achter

© 2018 woorden van Meij

Thema door Anders Norén